Poppen maken als ontspanning

Maandag 31 augustus 2026
In het blad Protestant staat deze maand een interview met dominee Jolien Leeffers. Ze vertelt in de rubriek ‘Brandstof’ hoe haar hobby, poppen maken, is ontstaan en hoe ze daar nog steeds energie van krijgt. “Het predikantschap is mooi maar intensief. Ontspanning naast het werk is een must om niet opgebrand te raken”, zo is te lezen.
Jolien werd hiervoor gevraagd naar aanleiding van de uitzending van Petrus in het Land, waar ze ook over haar hobby vertelde. Het interview is geschreven door Tineke van der Stok, Sanne Linssen maakte de foto. De tekst is hieronder cursief weergegeven.

“Met mijn handen werken laat mijn geloof landen”
“Poppen maken begon voor mij ooit gewoon als hobby. Ik was opgeleid als secretaresse, jong getrouwd en we kregen vijf kinderen. Ik zorgde thuis voor de kinderen en zocht iets wat ik met mijn handen kon doen. Dat werd het maken van poppen, vanuit de antroposofische traditie. Ik volgde eerst cursussen en ging die later zelf ook geven. Alles met natuurlijke materialen: wol, flanel en katoen.
De eerste poppen waren heel eenvoudig: een bolletje wol met een lap eromheen, vaak als kraamcadeautje. Juist doordat ze van natuurlijke materialen zijn, nemen ze de geur van de moeder aan. Zo gaat zo’n popje mee de wieg in. Gaandeweg kregen de poppen steeds meer vorm: ledematen, kleertjes, gezichten. Van knuffelpoppen naar poppen die er echt uitzien als een kind. Daarnaast ging ik ook seizoentafels maken, met vilten figuren die passen bij lente, zomer, herfst en winter.
Toen onze jongste zoon 4 jaar was, ben ik theologie gaan studeren. Wat begon als een hobby naast de zorg voor ons gezin, groeide uit tot een serieuze opleiding. Via een thuisstudie behaalde ik mijn bachelor. Daarna ben ik in Amsterdam gaan studeren voor de master Gemeentepredikant. Het was een lange weg: uiteindelijk deed ik er zo’n twaalf à dertien jaar over. Maar tijdens mijn stage wist ik het zeker: dit wil ik in de praktijk doen. Ik wil predikant worden. 
Het werken met mijn handen ben ik altijd blijven doen. Nu niet meer zozeer om poppen te verkopen, maar vooral om dingen te maken die ik in het gemeentewerk gebruik. Ik maak viltfiguren voor het kinderwerk, bijvoorbeeld rond het scheppingsverhaal of Kerst. Ik werk met Godly Play, een methode waarbij kinderen bijbelverhalen ontdekken aan de hand van materialen van hout en stof. De verhalen liggen in het midden van de kring, kinderen zitten eromheen en reageren op hun eigen manier. Het is prachtig om te zien wat dat losmaakt.
Voor mij werkt het maken met mijn handen heel ontspannend. Terwijl ik met wol of vilt bezig ben, kan een preek of een gesprek in mijn hoofd landen. Het één sluit het ander niet uit, het versterkt elkaar juist. Net als wandelen dat voor mij doet. In mijn gemeente wandel ik regelmatig met een groep gemeenteleden onder de noemer ‘Wandel mee met de dominee’. Dat zijn hele andere gesprekken dan aan tafel, en dat geeft verbinding.
Ik heb een aanstelling voor 85 procent en probeer bewust om ademruimte te houden naast mijn werk. Predikant zijn geeft mij nog steeds veel energie. En het creatieve werk helpt me om dat vol te houden. Geloof, handen en hoofd horen voor mij bij elkaar. Als dat samenkomt, zit ik helemaal op mijn plek.”

Het tijdschrift Protestant wordt vier keer per jaar uitgegeven door de landelijke PKN en is gratis verkrijgbaar. Vanaf 2027 gaat het blad samen met het tijdschrift Petrus en is dan niet meer gratis.  “Aan de productie en verzending van een magazine zijn substantiële kosten verbonden”, is te lezen op de landelijke website. “Door aan lezers een jaarlijkse bijdrage te vragen, blijft het in de toekomst mogelijk om vier keer per jaar een inspiratiemagazine te blijven uitgeven.”
Lezers die één van de twee bladen of beiden al in de brievenbus krijgen moeten zich voor het nieuwe magazine opnieuw aanmelden. Met de nieuwe inschrijving geeft men dan de Protestantse Kerk toestemming om de jaarlijkse bijdrage van € 9,95 te innen.

Willy de Koning
 
terug
×